Wat is trauma en hoe herken je het bij jezelf?

Het woord “trauma” wordt vaak gebruikt, maar wat betekent het eigenlijk? Veel mensen denken bij trauma aan extreme gebeurtenissen: oorlog, mishandeling, grote ongelukken. En hoewel dat zeker traumatisch kan zijn, is trauma veel breder dan dat.

Misschien heb je als kind een medische ingreep ondergaan. Misschien ben je langdurig ziek geweest. Misschien heb je een periode meegemaakt waarin je je onveilig voelde, niet gezien werd, of moest overleven op een manier die te zwaar was voor je leeftijd.

En nu – jaren later – merk je dat je spanning voelt, moeite hebt met vertrouwen, snel alert bent, of bepaalde situaties vermijdt zonder precies te weten waarom.

Dat kan trauma zijn.

In deze blog leg ik uit wat trauma is, hoe het ontstaat, en hoe je het bij jezelf kunt herkennen. Want de  eerste stap naar heling is bewustwording: begrijpen dat wat je voelt niet “raar” of “overdreven” is, maar een logisch gevolg van wat je hebt meegemaakt.

Wat is trauma eigenlijk?

Trauma is niet wat er gebeurt, maar wat er in je lichaam en geest achterblijft nadat er iets ingrijpends is gebeurd.

Het gaat niet alleen om de gebeurtenis zelf, maar om:

  • Hoe overweldigend het was op het moment dat het gebeurde
  • Of je je veilig voelde of juist alleen en machteloos
  • Of je steun kreeg om het te verwerken, of dat je het alleen moest dragen
  • Hoe oud je was – hoe jonger, hoe kwetsbaarder

Een voorbeeld:
Twee kinderen ondergaan dezelfde operatie. Het ene kind wordt goed voorbereid, krijgt nazorg op jonge leeftijd, heeft liefdevolle ouders die uitleg geven, ook psychische ondersteuning krijgen, nabij blijven en voelt zich gesteund. Het andere kind heeft dit niet en begrijpt niet wat er gebeurt, voelt zich alleen, en ervaart angst en pijn zonder troost.

Beide hebben dezelfde medische ingreep gehad. Maar het tweede kind heeft een grotere kans op trauma, omdat de ervaring overweldigend en onverwerkt was.

De definitie van trauma

Trauma ontstaat wanneer een ervaring te overweldigend is om op dat moment te verwerken.

Je lichaam en geest gaan in overlevingsmodus:

  • Je vecht (fight)
  • Je vlucht (flight)
  • Je bevriest (freeze)
  • Of je past je aan en doet alsof alles oké is (fawn)

Deze reacties zijn normaal en gezond – ze helpen je overleven. Maar als de ervaring niet wordt verwerkt, blijven de effecten hangen. Je lichaam blijft in alertheid, je geest blijft op zijn hoede, je emoties blijven opgesloten.

Trauma is dus niet de gebeurtenis zelf, maar wat er niet kon worden afgerond.

Soorten trauma

Er zijn verschillende soorten trauma. Niet elk trauma ziet er hetzelfde uit.

1. Schoktrauma (Shock trauma)

Dit is wat de meeste mensen bij trauma denken: één duidelijke, ingrijpende gebeurtenis.

Voorbeelden:

  • Een ongeluk of levensbedreigende situatie
  • Een operatie of medische ingreep (vooral als kind)
  • Een plotseling verlies of overlijden
  • Een gewelddadige of beangstigende gebeurtenis

Kenmerk:
Je kunt vaak aanwijzen wanneer het gebeurde. Er is een duidelijk “voor” en “na.”

2. Ontwikkelingstrauma (Developmental trauma)

Dit ontstaat in de vroege jeugd, vaak door chronische situaties waarin je je niet veilig voelde of niet de zorg kreeg die je nodig had.

Voorbeelden:

  • Emotionele verwaarlozing – je gevoelens werden niet gezien of gevalideerd
  • Inconsistente of afwezige ouders
  • Langdurige ziekte of ziekenhuisopnames als kind
  • Opgroeien in een onveilig of chaotisch gezin

Kenmerk:
Je hebt vaak geen duidelijke herinnering aan één gebeurtenis. Het was meer een sfeer of patroon waarin je opgroeide. Toch heeft het diepe sporen achtergelaten.

Cumulatief trauma

Dit ontstaat door meerdere gebeurtenissen die zich opstapelen zonder dat je tussentijds kon herstellen.

Voorbeelden:

  • Herhaalde operaties of medische ingrepen
  • Langdurige stress of druk
  • Steeds opnieuw teleurgesteld of afgewezen worden
  • Herhaalde verliezen of veranderingen

Kenmerk:
Eén gebeurtenis zou misschien te verwerken zijn geweest, maar de stapeling maakt het overweldigend.

Medisch trauma

Dit is trauma dat ontstaat door medische ingrepen, ziekte of ziekenhuisopnames, vooral in de kindertijd.

Voorbeelden:

  • Operaties waarbij je bang was of pijn had
  • Herhaalde ziekenhuisopnames waarbij je gescheiden werd van je ouders
  • Ingrijpende diagnoses die angst en onzekerheid veroorzaakten
  • Pijnlijke medische handelingen (prikken, infusen, beademing)

Kenmerk:
Het gebeurde in een context die bedoeld was om je te helpen, maar het voelde toch beangstigend, pijnlijk of overweldigend. Dat maakt het vaak extra moeilijk om te herkennen als trauma.

Hoe herken je trauma bij jezelf?

Trauma zit niet alleen in herinneringen – het zit ook in je lichaam, je emoties en je gedrag. Vaak weet je niet eens dat wat je voelt met trauma te maken heeft.

Hier zijn signalen die kunnen wijzen op onverwerkt trauma:

1. Lichamelijke signalen

Je lichaam onthoudt wat de geest niet kon verwerken. Trauma kan zich uiten in:

  • Chronische spanning – je schouders zijn strak, je buik staat op spanning, je kaak is gespannen, je voelt je nooit echt ontspannen
  • Hypervigilantie – je bent altijd alert, scant voortdurend je omgeving, schiet snel in de alertheidsmodus
  • Vermoeidheid – je lichaam is uitgeput van het constant in alertheidsmodus zijn
  • Psychosomatische klachten – buikpijn, hoofdpijn, druk op de borst, hartkloppingen zonder medische oorzaak
  • Ademhaling – je ademt oppervlakkig, alsof je lichaam nooit helemaal tot rust komt
  • Gevoelloosheid – je voelt je afgesneden van je lichaam, alsof je niet echt in je lijf zit

Waarom dit gebeurt:
Trauma activeert je zenuwstelsel. Je lichaam blijft in “overlevingsmodus,” zelfs als het gevaar voorbij is.

2. Emotionele signalen

Trauma beïnvloedt hoe je emoties ervaart en reguleert:

  • Overweldigende emoties – je voelt intense angst, verdriet of boosheid die buiten proportie lijkt
  • Gevoelloosheid – je voelt weinig of niks, alsof je afgesloten bent
  • Schaamte of schuld – je voelt dat je “fout” bent, ook al is dat niet logisch
  • Eenzaamheid – je voelt je niet begrepen, ook niet door mensen die dichtbij zijn
  • Angst voor verlies of afwijzing – je bent constant bang dat mensen weggaan of je in de steek laten

Waarom dit gebeurt:
Tijdens een traumatische ervaring waren emoties te overweldigend. Je hebt ze weggestopt om te overleven. Nu komen ze terug – of blijven juist vastzitten.

3. Gedragssignalen

Trauma beïnvloedt hoe je functioneert en omgaat met de wereld:

  • Vermijden – je vermijdt plaatsen, mensen of situaties die herinneren aan het trauma (bijvoorbeeld ziekenhuizen, artsen, bepaalde geuren)
  • Hypercontrole – je wilt alles onder controle houden omdat “verrassingen” onveilig voelen
  • Mensen pleasen – je past je aan, zegt geen “nee,” en cijfert jezelf weg om geliefd te blijven
  • Perfectie – je moet alles perfect doen omdat fouten onveilig voelen
  • Isolatie – je trekt je terug, zelfs als je sociaal contact nodig hebt
  • Verslavingen of afleiding – je gebruikt alcohol, werk, eten, gamen of andere middelen om niet te hoeven voelen

Waarom dit gebeurt:
Dit zijn overlevingsstrategieën die je ontwikkelde om veilig te blijven. Ze werkten toen, maar beperken je nu.

Relationele signalen

Trauma beïnvloedt hoe je met anderen omgaat:

  • Moeite met vertrouwen – je houdt mensen op afstand uit angst gekwetst te worden
  • Angstige gehechtheid – je bent bang verlaten te worden en zoekt constant bevestiging
  • Vermijdende gehechtheid – je houdt emotioneel afstand en laat mensen niet dichtbij
  • Conflictvermijding – je durft geen grenzen te stellen uit angst voor afwijzing
  • Patronen in relaties – je trekt steeds dezelfde type mensen aan of belandt in soortgelijke dynamieken

Waarom dit gebeurt:
Hoe je relaties ervaart wordt gevormd in je vroege jeugd. Als er toen geen veilige hechting was, beïnvloedt dat je relaties nu.

Triggers

Een trigger is een prikkel die je teruggoogt naar het trauma, ook al is de situatie nu veilig.

Voorbeelden:

  • Een geur (bijvoorbeeld ziekenhuisgeur) die je terug laat denken aan operaties
  • Een geluid (bijvoorbeeld piepende apparaten) dat angst oproept
  • Een situatie (bijvoorbeeld een controlegesprek bij de dokter) die spanning veroorzaakt
  • Een emotie (bijvoorbeeld machteloosheid) die je overspoelt

Waarom dit gebeurt:
Je brein maakt associaties tussen prikkels en het trauma. Zodra je die prikkel weer tegenkomt, denkt je lichaam: “Gevaar!” – ook al is dat niet logisch.

Waarom trauma vaak onzichtbaar blijft

Veel mensen met trauma herkennen het niet, omdat:

1. Je hebt het “overleefd,” dus het lijkt niet erg
Misschien denk je: “Anderen hebben het moeilijker gehad, Ik ben er toch doorheen gekomen?” of “Het heeft me sterker gemaakt”. Maar overleven betekent niet dat het verwerkt is.

2. Je hebt weinig of geen herinnering
Trauma uit je vroege kindertijd of tijdens medische ingrepen blijven vaak vaag. Je weet niet precies wat er gebeurde, maar je lichaam wél.

3. Je functioneert naar buiten toe prima
Je hebt een baan, relaties, je doet wat moet. Maar van binnen voel je spanning, leegte of onrust.

4. Je denkt dat het “normaal” is
Als je altijd al gespannen bent geweest, altijd al alert, altijd al moeite had met vertrouwen – dan denk je dat dat gewoon bij jou hoort. Je weet niet dat het anders kan.

Wat nu?

Als je jezelf herkent in deze signalen, betekent dat niet dat je “kapot” bent. Het betekent dat je lichaam en geest nog steeds dragen wat er is gebeurd. En dat mag gezien worden.

Trauma is geen zwakte. Trauma is een normale reactie op abnormale gebeurtenissen.

Het goede nieuws: trauma is te verwerken. Met de juiste begeleiding kun je:

  • Begrijpen waar je klachten vandaan komen
  • Verwerken wat je lichaam en geest vasthouden
  • Loslaten wat je al zo lang met je meedraagt
  • Herstellen en verder leven zonder dat het verleden je bepaalt

Psychodynamische therapie helpt je niet alleen te begrijpen wat er gebeurd is, maar ook te voelen, te verwerken en te genezen.

Mijn eigen ervaring met trauma herkennen

Jarenlang wist ik niet dat ik trauma had. Ik was als kind geopereerd, had spanning in mijn lichaam, was altijd alert. Maar ik dacht: “Dat hoort gewoon bij mij. Ik ben gewoon een druk kind/mens.”

Pas toen ik psychodynamische therapie volgde, begreep ik het. De spanning was geen karaktertrek – het was een traumareactie. Mijn lichaam was altijd in overlevingsmodus geweest omdat het als baby en peuter, kleuter en jongvolwassene levensbedreigende situaties had meegemaakt.

Die bewustwording was confronterend, maar ook ongelooflijk bevrijdend. Eindelijk begreep ik mezelf. Eindelijk kon ik verwerken. Eindelijk kon ik loslaten.

En dat is wat ik voor anderen wil: herkenning, begrip en de ruimte om te helen.

Conclusie

Trauma is niet altijd wat je denkt dat het is. Het hoeft geen extreme gebeurtenis te zijn. Het kan subtiel, onzichtbaar, en toch diep aanwezig zijn. Het zit in je lichaam, je emoties, je gedrag, je relaties.

Als je jezelf herkent in de signalen uit deze blog, dan is het de moeite waard om verder te kijken. Niet om jezelf een label te geven, maar om te begrijpen wat er speelt en wat je nodig hebt om te helen.

Herken je deze signalen bij jezelf?

Plan een kennismakingsgesprek en ontdek hoe psychodynamische therapie je kan helpen om trauma te verwerken en verder te komen.

Meer inzichten van Tim

Het woord “trauma” wordt vaak gebruikt, maar wat betekent het eigenlijk? Veel mensen denken bij trauma aan extreme gebeurtenissen: oorlog, mishandeling, grote ongelukken. En hoewel dat zeker traumatisch kan zijn, is trauma veel breder dan dat. Misschien heb je als kind een medische ingreep ondergaan. Misschien ben je langdurig ziek geweest. Misschien heb je een […]

Wat is trauma en hoe herken je het bij jezelf?